TemplateAfbeelding

deel 1

Is er wel een plaats voor ‘aquariuswaarden’ in het
leven op aarde?

Nu we hebben geworsteld met de fundamentele eisen van afstand houden, fysiek en psychologisch, is het van belang de richting te verkennen waarin de verhoging van hetvibratieniveau idealiter zou kunnen gaan uitmonden: in de beleving van Aquariuswaarden.


Waarom?


Omdat het om menselijke verhoudingen gaat.


Waarom?


Omdat de verhoudingen tussen menselijke soortgenoten essentieel zijn voor álle leven op aarde.


Is er dan wel een plaats voor ‘aquariuswaarden’ in het leven op aarde, zo zou je kunnen vragen?


Nog niet, overduidelijk nog niet, en misschien zijn we er verder van weg dan ooit.


Neem bijvoorbeeld de eenendertigjarige journaliste Jia Tolentino (The New Yorker). Volgens haar zijn onze huidige waarden destructief voor ons overleven. In haar boek Spiegeldoolhof [1] geeft ze onder meer aan:


Zoals zoveel mensen van mijn generatie ben ik uitgegroeid tot een kwetsbare, paniekerige, instabiele volwassene, doordat ik van jongs af aan zag dat bedrog loont. 

Verlichting en romantiek

Aquarius en rozenkruis


Toch getuigen veel maatschappelijke verschijnselen van de trillingsverhoging die is ingezet om Europa, en vandaaruit de wereld te verheffen. Sinds het einde van de achttiende eeuw is het vooral het menselijk bewustzijn, waarop deze verhoging zich richt. En of het nu veroorzaakt wordt door de Uranusstraling uit ons eigen zonnestelsel, of welke andere oorzaak ook, is daarbij om het even.

Neem bijvoorbeeld de periode vanaf ongeveer 1789. In veel observaties zegt men dat deze periode cultureel gekenmerkt werd door de Verlichting en Romantiek, waarbijmen meteen roept dat die Verlichting en Romantiek ons als mensheid op weg naar eenheid, vrijheid en liefde, of liberté, égalité, fraternité geen stap verder hebben geholpen. Ondanks hun idealistische insteek hebben zowel de Franse revolutie als de Amerikaanse vrijheidsstrijd eerder het tegendeel bewerkstelligd, en hetzelfde geldt voor de emancipatorische vernieuwingen die de laatste twee eeuwen hebben plaatsgevonden. Kennelijk zat de vibratieverhoging van het menselijk bewustzijn al heel snel tegen het plafond en botste deze keihard terug naar hardere wereldse verhoudingen van strijd en geweld. Vandaar dat sommigen de impulsen van Verlichting en Romantiek kenschetsen als ‘valse krachtwerkingen op de lange weg naar de waarden van de Waterman’.


De klassieke maat is geschiedenis


De verheven principes van Pythagoras en Plato, de maatvoering van het schone, het ware en het goede, waren die van de zuivere verhoudingen, van hele getallen, van perfecte figuren en regelmatige lichamen, als concreties van abstracte begrippen. Concreties die het ideale poogden te belichamen. In het belangwekkende boek De onzichtbare maat [2] van Andreas Kinneging neemt de auteur die klassieke maten als uitgangspunt, die maten die hij ontleent aan Pythagoras, Plato, Aristoteles en Augustinus. Hij constateert dat Verlichting en Romantiek schromelijk tekortschoten ten opzichte van de bijna goddelijke uitgangspunten – die van een goed en helder onderscheid tussen goed en kwaad; klassieke waarden die ons wel min of meer bekend zullen voorkomen. Verlichting en Romantiek hebben daarentegen geresulteerd in een enorme toename van de consumptie en het egoïsme.

Toch kwamen we, juist de laatste eeuwen, meer te weten over de relativiteit van zogenaamde vaste waarden als ‘goed’ en ‘kwaad’, waarmee ook de onomstotelijke maat(voering) van de oudheid in een ander daglicht kwam te staan. Het schone, het goede en het ware, de verheven kapstokken van Plato en Pythagoras, werden relatief.

De interkosmische ethers uit de oersubstantie

Centraal bij de hierboven genoemde concreties stond het begrip ether, als vormgevende kracht. Nu geeft J. van Rijckenborgh in hoofdstuk XV van De komende nieuwe mens [3] weer dat alléén buiten de stofsfeer en haar spiegelsfeer de ethertoestanden zuiver, en dus geheel anders zijn, omdat daar de interkosmische ethers direct en harmonisch uit de oorspronkelijke oersubstantie ontstaan. Bijgevolg mogen we in de overgangstijd naar Aquarius, in onze concrete werkelijkheid, niet de manifestaties van het goede, het schone en het ware zo benaderen, dat ze daarmee zouden overeenstemmen. Zeker niet in hun afzonderlijke werkingen.

De klank van de zuivere illusie


Wat mogelijk in de oudheid nog zeggingskracht had, kan in onze tijd zijn maatvoering niet handhaven. Een voorbeeld in dit opzicht is Pythagoras’ muziekleer van de zuivere klankverhoudingen. Daarin werd altijd al gewerkt met een ‘pythagorische rest’ om de vibratie, het systeem, kloppend te maken. Maar in de (bewustzijns)behoefte die ontstond aan modulaties in alle toonsoorten kon dit systeem niet standhouden: de klankverhoudingen konden hun zuivere getallen niet vasthouden en moesten daarvoor ‘knijpen’, oftewel iets minderen en, behalve bij het octaaf, onder de ‘ronde’ getalsverhoudingen kruipen. Ze gingen daardoor zweven in hun trillingsrelaties, de ene verhouding erger dan de andere. In de zeventiende eeuw heeft Simon Stevin daar wat op gevonden: als de zwevende stemming gemiddeld werd, zodat er een gelijkzwevende stemming ontstond, kon een temperatuur worden gemaakt dienauwelijks hoorbaar vals was: Das Wohltemperierte Klavier was geboren. Het wachten was alleen op een groot componist als Bach die met een scala aan werken een universum van maximale modulaties wist te illustreren.

Een ander voorbeeld, dat door Kepler in het bewustzijn kwam, zijn de banen van de planeten rond de zon, die anders dan Plato aangaf, in een ellips lopen. Maar ook essentiële verhoudingen zoals pi en phi (gulden snede) zijn in het geheel niet gebaseerd op de zuivere getallen, en in de beperkte realiteit van de ethers die ons levensveld vormgeven is schoonheid een leugen. Een schitterend Frans dorpje lijkt vanuit de verte prachtig en romantisch, maar kom je dichterbij dan zie de werkelijkheid van stinkende stallen en onbegaanbare wegen, zoals in  De Chinese Gnosis [4], eveneens van J. van Rijckenborgh, wordt aangegeven. Zo kan ‘het lelijke een bewijs van de schijn van het mooie’ genoemd worden. Evenzo is het slechte het bewijs dat het goede niet goed is.
 
En het ware dan, hoe heeft dat zich in de laatste eeuwen standgehouden?
 
Meer en meer kwam duidelijk voor het bewustzijn te staan dat waarheden aangenomen begrippen zijn, nodig om een burgerlijke ‘beschaving’ in stand te houden. Nietzsche formuleerde het zo:

waarheden zijn illusies waarvan men vergeten is dat zij illusies zijn,
metaforen die versleten zijn en letterlijk krachteloos zijn geworden. [5]


Eenheid, vrijheid en liefde hangen samen

aquarius180


De trillingsverhoging op weg naar Aquarius verdraagt de maat der oudheid niet. Het is als met het Oude Testament, dat in ons nieuw zou moeten worden maar dat niet kan omdat de wijnzakken oud zijn. De nieuwe waarheid kan niet als een enkele definitie, als onwrikbare, vormvaste formule worden gegeven. Voor de aquariustijd is die waarheid een organische eenheid in onderlinge afhankelijkheid: Het is als een gelijkzijdige driehoek (wel met dank aan Pythagoras!) van eenheid, vrijheid en liefde.Maar let op de samenhang: want er is géén eenheid zonder vrijheid, er is géén liefde
zonder eenheid, er is géén vrijheid zonder liefde.


Vibratieverhoging resoneert met de ‘mannelijke jonkvrouw’ 

 
De actuele vibratieverhoging resulteert in een bewustzijnshandeling. Een staat van zijn en doen die in ieder geval met mensen te maken heeft. Een staat van zijn die als energie de vuurether heeft, de eerste ether die ontheven is aan de dwangmatige natuurhuishouding van de dialectiek. Maar de menselijke soort wordt geregeerd door het begrip twee; de mens is verre van eenduidig en het begrip twee staat daarin centraal, wat zich bijvoorbeeld sterk uitdrukt in de scheiding van de geslachten. Zou dat nu in de interkosmische etherruimte buiten de wrekende dialectiek ook overal zo zijn? Zou er in de domeinen van de spiegelsfeerloze zuiverheid toch scheiding van geslachten zijn, zoals we dat hier op aarde kennen? Althans wat betreft de menselijke levensgolf, die immers ook bestaansrecht heeft in andere kosmische werkelijkheden? Dat lijkt niet zo te zijn, tenminste niet wat Jacob Boehme betreft. Hij spreekt over de androgyne hemelse mens als ‘mannelijke jonkvrouw’ [6]. Aquarius vraagt ons derhalve ons gereed te maken als getransfigureerde mens, als de man-vrouw die we oorspronkelijk zijn geweest. En we worden daarbij geholpen door de vibratieverhoging van mensen en van de aarde die is ingezet, maar we moeten wel leren leven uit een eenheid die onlosmakelijk met vrijheid en liefde is verbonden.

Vuur vernieuwt de natuur


Waterman is eigenlijk geen man, maar mens. Mens uit één stuk, waarin het vrouwelijke en mannelijke een chemische samensmelting hebben ondergaan, aangeblazen door de vuurether. In de profane astrologie is Waterman de meest vrouwelijke mannelijkheid en de meest mannelijke vrouwelijkheid. Hij-zij woont in ‘de vallei van het rijk’, waarvan in de Tao Teh King wordt gezegd:
 
Hij die zijn mannelijke kracht kent en toch vrouwelijke zachtmoedigheid
behoudt, is de vallei van het rijk. [7]

Maar het teruggaan naar die oorspronkelijke (man-vrouw)eenheid is natuurlijk geen sinecure en terecht dat de esoterische alchemie dat als een vuurproces voorstelt, waarbij lichaam, ziel en geest een nieuwe eenheid gaan vormen. In de christelijke openbaring is dat vuurproces afhankelijk van een geestelijke kracht (hij die de twee één maakt) en is die geestelijke kracht gerelateerd aan vrijheid (waar de geest des heren is, daar is vrijheid). En het wordt daarom niet zozeer een ‘terug’ naar de oorspronkelijke eenheid, maar een ‘vooruit’ naar de nieuwe eenheid. Door een
(hopelijk spoedig) komend samensmeltingsproces in de kracht van die ‘geest des heren’.

 
[1] Jia Tolentino, Spiegeldoolhof, de Geus 2020

[2] Andreas Kinneging, De Onzichtbare Maat, Uitgeverij Prometheus 2020

[3] J. van Rijckenborgh, De komende nieuwe mens, Rozekruis Pers, Haarlem 1999

[4] J. van Rijckenborgh and Catharose de Petri, De Chinese Gnosis, Rozekruis Pers,Haarlem 2018

[5] F. Nietzsche, Waarheid en Leugen, Boom-Amsterdam, 2010

[6] J. Boehme, Over het bovenzinnelijke leven, Rozekruis Pers, Haarlem 1998

[7] Lao Tse, Tao Teh King, vers 28,vert. E.J. Weltz, 1947

Zelfrealisatie van de ‘waarnemer’
aquarius

Hogere dimensies van ontwikkeling

In zijn boek Thiaoouba Prophecy [1] schetst Michel Desmarquet de wonderlijke eigenschappen van de ongescheiden menselijke wezens. In zijn beschrijving zijn het alleen mensen aan wie de Schepper de mogelijkheid tot regeneratie gaf, om te komen tot een hermafrodiet wezen. Een wezen op weg naar perfectie geestelijk groeiend door negen stadia van ontwikkeling. Stadia die overeenkomen met de dimensies van de universele werkelijkheid, die zowel planetair als ook psychisch-energetisch kunnen worden aangegeven. Die mens, volgens Desmarquet existerend vanaf de vijfde dimensie, heeft dan iets meer vrouwelijke dan mannelijke eigenschappen, vooral in het uiterlijk: gelaat en elegantie van beweging zijn meer bepaald door de waarden van harmonie en schoonheid, waarmee een karakterisering van mannelijke jonkvrouw relevanter lijkt dan bijvoorbeeld vrouwelijke jonker.

Het boek eindigt met een krachtig eerbetoon aan de schepper van het Al, die hij hermetisch interpreteert en het eerbetoon heeft de kwaliteit en strekking van het Loflied van Hermes [2].

Liefde en compassie


Als het menselijk bewustzijn op weg is naar aquariuswaarden, hoe verloopt dan de vibratieverhoging van eenheid, vrijheid en liefde? Als de vuurether van de Christusimpuls geassimileerd kan worden, wat is de rol van de liefde daarin?


Dat is een liefde die vanuit een hoge eenheid en in vrijheid aandacht geeft aan wereld en mensheid. In deze eeuw wordt steeds meer duidelijk dat die aandacht-liefde niet zozeer een ‘houden van’ is. Aquariaanse liefde is onpersoonlijker en zonder aanziens des persoons. Empathie kan, door een te grote hechting, mensen meezuigen in een negatieve emotie, maar ‘compassie’ wijst op betrokkenheid. De ‘aandacht’ van compassie blijft positief gericht, maar hecht zich als stralingskracht niet onnodig (lang). In zijn boek De meeste mensen deugen [3] zegt Rutger Bregman dan ook:


Temper je empathie, train je compassie,


en besteedt hij aandacht aan het belangrijke verschil daarin.Stond het Vissentijdperk nog in de triade:


geloof-hoop-en liefde, maar de meeste daarvan is liefde [4]


Aquarius leert ons:


eenheid-vrijheid-liefde en de meeste daarvan is liefde.


Ongehechtheid voorkomt verlies

Liefhebben is in de vibratie van Waterman niet een vorm van gehechtheid, eenvoudig omdat er geen verlies is. Omdat er geen ‘grijpen naar’ is. In het besef dat wat je vasthoudt, weer kwijtraakt, maar wat je loslaat bij je blijft. En ten slotte het mysterie: dat wat je vrijlaat, komt naar je toe. Als vernieuwd. Dat is de energiehuishouding van

alles ontvangen, alles prijsgeven en daardoor alles vernieuwen [5].


Een natuurlijke staat in die realiteit is liefde zonder gehechtheid. En alleen vanuit vrijheid kan die liefde worden gegeven, uitgestraald, geschonken. Eenheid gijzelt daarbij die vrijheid niet, omdat het uitgangspunt is:


In het huis van mijn vader zijn vele woningen [6]:


een bij uitstek aquariaanse uitspraak. Als de eenheid de vrijheid zou gijzelen zou er slechts eenheidsworst ontstaan, géén ontknechting, een van de kenmerken die voor het aquariusbeleven zo belangrijk zijn.

aquarius 001


Slavernij?


Daarvoor is het wel nodig dat de huidige slavenstaat beseft wordt: dat we ons realiseren dat we geknecht zijn en we zelf dat slaaf-zijn mede veroorzaken en in stand houden. De afhankelijkheid van digitale info in het algemeen en de smartphone in het bijzonder kun je daarbij als voorbeeld zien. Wat overigens niet wil zeggen dat de horigheid aan het financieel-economische ‘systeem’ minder zou zijn. De momentele pandemie wordt bewust of onbewust ook gebruikt om die afhankelijkheid te bevorderen: communicatie buiten de smartphone, iPad, laptop en computer om wordt moeilijker gemaakt. Zo ligt er het plan van een ‘gezondheidsapp’ die je zou hebben moeten installeren.

Positief gesteld zou je ook kunnen zeggen dat social distancing, een andere maatregel die de samenleving zichzelf lijkt op te leggen, onpersoonlijke aandacht in overeenstemming met de moderne liefdevibratie van de aquariusziel bevordert. Immers, compassie blijft zeer zeker mogelijk en negatieve empathie wordt vaak vermeden door géén fysiek contact. En een meer dan Victoriaanse fysieke afstand tot elkaar maakt ook de aandacht voor en de hechting aan mensen, dingen, voorwerpen duidelijk minder.


Diffuse angst


Maar nadere beschouwing zal ieder doen inzien dat hierbij van geen enkele vrijheid sprake is. De basis van social distancing is angst en de zucht naar controle. Beide tegengesteld aan Aquarius’ uitgangspunt voor zielevorming. Liefde in haar hogere aanzicht heeft op die basis geen schijn van kans.

Veel van de menselijke verhoudingen in het komende watermantijdperk zal afhangen van de bewustzijnsvoortgang van mensen in de shift, de vibratieverhoging die gaande is. Deze wordt vaak opgehangen aan de ‘astrale’ factor: zal die verhoging ons tot een niveau van werkelijk doorleefde éénheid brengen, door de werking van lichtkrachten in ons, of laten we ons terugvoeren naar een nieuw dialectisch beginpunt, tot de strijd van allen tegen allen aan alles een einde maakt?


Zelfrealisatie van de ‘waarnemer’


Binnen die eenheid heeft degene die zich ‘ontknecht’, in zijn nieuwe zelfstandigheid een heel belangrijk vermogen verworven. Het wordt algemeen als ‘zelfrealisatie’ aangeduid en is eigenlijk bij uitstek een aquarius-‘handeling’. Dat zelfrealisatie vrijheid nodig heeft, is evident, zolang die vrijheid meebeweegt met liefde en eenheid. Hierin staat waarneming centraal.

Nu is er iets bijzonders aan de hand met de mens als waarnemer. Een waarnemer co-creëert de werkelijkheid, geeft zelf mede vorm aan die werkelijkheid die hij of zij waarneemt. Het standpunt van jezelf als waarnemer is daarbij beslissend voor de werkelijkheid die je ervaart. Dit is een kwantummechanisch inzicht, dat ons direct bepaalt bij het grote belang van de waarnemer als potentieel creërend wezen. Waarneming zou daarmee magisch worden, als een scheppende handeling die de werkelijkheid mede vorm en inhoud geeft.

Nu zijn we natuurlijk nuchter genoeg om te doorzien dat die creatieve waarneming niet de hele werkelijkheid kan omvatten, kan scheppen. Je kunt niet zeggen: ‘ik creëer alles’, dat is onzin. De materiële werkelijkheid laat zich niet zomaar dematerialiseren, of met een oud begrip ‘ontstoffelijken’. Je kunt haar niet door ‘magisch schouwen’ omtoveren tot iets wezenlijks anders. Dat zou neerkomen op een aardige variant van wishful thinking.

Maar we kunnen de materiële werkelijkheid natuurlijk wel ‘laden’ met onze aandacht en dat heeft zeker uitwerking. Aandacht geven aan iets of iemand betekent magnetische energieverstrekking. Meestal is die energie geladen met sympathie of antipathie omdat we een onvolkomen en onvolwassen besef van goed en kwaad hebben. Onze waarneming heeft nog niet tot ‘belangeloze aanschouwing’ kunnen komen. Dat wil zeggen, een waarneming waarbij onze begeerte en onze wil niet tussen ons en het object van waarneming komen te staan.


Grenzen aan de waarneming van de vijf zintuigen

Waarméé aandacht wordt geschonken (het is vooral een geven), met welk zintuig, bijvoorbeeld oog en oor, bepaalt het niveau van trilling van magnetische werking. Je zet er als het ware een magnetische lijn mee uit. Deze lijn komt vanuit je bewustzijn. Dat gaat allemaal zeer direct en buitengewoon snel. Maar aandacht is niet alleen een geven. In het aandacht-ontvangen, of liever gezegd het openstaan voor de radiaties van de wereld, zit een grens, uitgedrukt in golflengte en frequentie. Die grens zit  natuurlijk in de eerste plaats in de hoeveelheid indrukken die je nog kunt integreren in je bewustzijn en je dagelijks leven. Als je de hoeveelheid indrukken niet meer aankunt, omdat je je aandacht daar niet meer bij kunt bepalen, kun je beter segmenteren – dingen tijdelijk parkeren – dan integreren. Maar veel belangrijker is de kwaliteit, zowel bij het geven van aandacht als bij het ontvangen van aandacht. Want daarmee kan het bewustzijn bouwen of co-creëren, nu een tijd van verhoging van de astrale factor van aarde en mensheid is aangebroken.
Er is een natuurlijke grens aan het ontvangen van aandachtenergie, en die kan worden overschreden. In de kunst werkt die kwaliteit door in haar schoonheid: op het toppunt van schoonheid treedt bij het ontvangen van impulsen vaak ‘ontroering’ op, dat wil zeggen dat de esthetische impuls ons zo sterk aanraakt, dat we het niet droog houden. Als we daar nog net wel in slagen, kan een verheffing van het bewustzijn ontstaan of een beleving van intense stilte en harmonie. Waarom is het voor sommigen een grens? Omdat de schoonheidsimpuls dan niet verdragen kan worden,
hetgeen men intuïtief beseft, gevolgd door het uitschakelen van de ontvangbereidheid. Men weet bij het waarnemen vrijwel direct dat men de schoonheid niet kan verwerken. Dit kan zelfs optreden door aanschouwing in de natuur. De
schoonheid sluit door haar hoge kwaliteit het bewustzijn gelijk af, men kan er niet tegen. Het is het syndroom van Stendhal; de schoonheid is niet te verdragen.

Iets soortgelijks kan optreden bij het ware, dat wil zeggen de hoge vibraties van de energieaandacht die niet geassimileerd kunnen worden door ons organismebewustzijn. Dan treedt slaperigheid op en kan men werkelijk in slaap vallen.


Herschepping door hogere zielekwaliteit


Het is daarom van groot belang om bij de ‘shift’ of vibratieverhoging die nu atmosferisch is ingezet, aandacht te besteden aan de kwalitatieve eisen van co-creatie. We moeten als het ware de nieuwe energieën ‘laden’ zodat de nieuwe aquariaanse menselijke waarden zich in ons kunnen vormen. In de gelijkzijdige en dynamisch samenhangende driehoek van eenheid, vrijheid en liefde is co-creatie een zekerheid. Maar als er gestreefd wordt naar afzonderlijke eenheid, vrijheid of liefde in de dialectiek, blokkeren op den duur wetmatige grenzen onze voortgang. Onze ogen en oren lopen dan in hun waarnemingen aan tegen die grenzen, hoezeer wij ook ontroerd kunnen worden door schoonheid en in slaap gesust door het ware.

Welke waarneming kan wel tot een belangeloze aanschouwing leiden, waarbij onze wil en onze begeerte niet tussen ons en het waargenomene komen te staan?

Het is de waarneming van de ziel. Het waarnemingsorgaan dat ons verbindt met de ingang van intuïtie, namelijk het derde oog, vormt de poort naar hogere dimensies, tegelijkertijd verbonden met eenheid en liefde.

Is co-creatie van die waarneming dan zonder begeerte en zonder wil? Komt er dan wel iets tot stand, dat wil zeggen is er dan wel energievorming, wanneer alles statisch en stil is geworden door de neutraliteit en objectiviteit? Kan dan eigenlijk wel co-creatie van de werkelijkheidplaatsvinden?


Ja, dat kan. Want het nieuwe bewustzijn vormt zich naar de wil van het Al, die nu regeert vanuit de waarneming van de ziel, vanuit het derde oog. De wil en het verlangen van de Ene Oneindige Schepper, die overeenkomen met de mens die uit de tweeheid kwam, en heel werd in de Ene. Waardoor de mede-scheppende kracht van de Liefde als energieoverdracht aan de realiteit kan plaatsvinden. Die liefde hecht zich niet aan objecten, mensen, natuur, maar geeft de lichtkrachten vrij om de overgang naar Aquarius mogelijk te maken.



[1] Michel Desmarquet , Thiaoouba Prophecy, Arafura Publishing 1993

[2] J. van Rijckenborgh, De Egyptische Oer-Gnosis, deel 2, hoofdstuk 33, Rozekruis Pers, Haarlem 2017

[3] Rutger Bregman, De meeste mensen deugen. Een nieuwe geschiedenis van de mens, de Correspondent, 2019

[4] Paulus, 1 Korintiërs 13:13

[5] J. van Rijckenborgh, De Egyptische Oer-Gnosis, deel 3, hoofdstuk 33, Rozekruis Pers, Haarlem 2017

[6] Johannes 14:2
Logon 17 oktober 2020
Text: Frans Spakman
Image: Olga Boiarkina
 
Logon.media

De bekende Nederlandse romanschrijfster Hella S. Haasse begint haar moderne werk De Meester van de Neerdaling (1973) met de volgende intro:

Satan héét maar niet de overste dezer wereld, hij ís het inderdaad. Hij regeert deze wereld. Men zal een vijand niet overwinnen als men tracht voorbij te zien hoe gevaarlijk hij is’. Het eerste deel van de roman heet dan ook ‘De duvel en zijn moer’ en het werk is gekenschetst als een spannend spel van waarheid en verbeelding. Vooral spannend wordt het als ‘uitkomt’ hoe een bestaande hiërarchische verhouding de energie van (jonge) jongens gebruikt/misbruikt voor eigen ‘geestelijke’ doelen. Het is aan de lezer ter beoordeling of dit inderdaad waarachtige geestelijke doelen zijn.

Hella Haasse

 

Sinds het uitkomen van het beroemde boek van Marylin Ferguson The Aquarius Conspiracy bijna veertig jaar geleden zijn de basiswaarden van van het astrologische luchtteken Waterman onder invloed van een agressieve economische cultuur ‘verwaterd’ oftewel: van de flower-powerimpuls – voorzover deze impuls niet gecommercialiseerd kon worden – is vrijwel niets terecht gekomen. Deze waarden zijn in de wereld hard op weg in hun tegendeel te verkeren. Fergusons oogmerk om een bijdrage te leveren aan ‘persoonlijke en maatschappelijke transformatie in de jaren tachtig’ heeft in ieder geval in dat crisisdecennium schipbreuk geleden voor wat betreft de sociale transformatie. De jaren tachtig vormen juist het begin van veel sterkere marktwerking, naar het neoliberale model van Reagan en Thatcher, dat allerminst Aquarius-elementen laat zien. Maatschappelijk was daarmee ‘the dawning of the Age of Aquarius’ verduisterd en verdampt.

Tegelijkertijd met het verwateren van de idealistische watermanwaarden is het denken in termen van samenzweringen, van de theorie van ‘conspiracy’ óók verwaterd, vooral cultureel-sociaal-filosofisch: Het is not done om in samenzweringen te ‘geloven’; men beschouwt het als een teken van onvolwassenheid als je de werkelijkheid nog ziet in het perspectief van een samenzwering die overal om je heen toeneemt. Onvolwassen, omdat het een hang laat zien naar een eenvoudige verklaring van die werkelijkheid. Vaak vanuit angst; vanuit een zwart-wit denken ten opzichte van de krachten en machten die je in je werkelijkheid ervaart. ‘Kinderlijk’, zegt men dan, of ‘Was het maar zo simpel’.

Ook de complexiteit van de processen die spelen op het wereldtoneel speelt een rol. Wie die een beetje kent, zet bij voorbaat een vraagteken bij simpele samenzweerderige theorieën die belasterend zijn of beledigend voor sommige bevolkingsgroepen, klassen en inkomenscategorieën.

Een andere belangrijke reden is dat de voedingsstof voor samenzweringstheorieën bij uitstek, de tweedeling van de koude oorlog, sinds 1989 is komen te vervallen.


Inlegkunde

Een belangrijke reden om het denken in termen van samenzweringen voorts te negeren, is het verbod op het bewijs uit het ongerijmde, zoals destijds in de wiskunde verordineerd:

Je kunt wel de signalen en situaties in de actuele werkelijkheid proberen in te passen in je theoretisch model, maar eigenlijk geef je je dan over aan een soort ‘inlegkunde’. En dat kan gemakkelijk leiden tot zelfbedrog. Zeker als men samenzweringstheorieën wil verklaren uit het onzienlijke, uit de niet-materiële wereld.

Dat zijn ‘bewijzen uit het ongerijmde’ die zich keren tegen het ‘gezonde verstand’.

En is een benadering van de wereld en de medemens die stelt dat zij gemanipuleerd is door onzichtbare krachten niet gebaseerd op voorzichtigheid en zelfs angst, in plaats van op empathie en bereidwillige hulpvaardigheid? En is dat dan niet iets waarmee een mogelijke‘ liefdewet’ op geen enkele manier gediend is?


Gezond verstand

Dit zijn allemaal factoren die een immuniserende werking hebben gehad op de realiteit en op sociaal-economische processen en actualiteiten. De samenleving werd als het ware immuun gemaakt voor samenzweringstheorieën: deze waren altijd te pareren vanuit de media, vanuit heersende sociaal-economische inzichten of vanuit zichzelf belangrijk vindende platforms.

‘Ik geloof niet zo in samenzweringstheorieën’ is een veelgehoorde en gewaardeerde uitspraak. Met de bijklank van: ‘Je bent eigenlijk naïef en je gebruikt je gezonde verstand niet als je daar wel in gelooft.’ Een beetje zoals de bestrijders van kwakzalvers, sceptisch over alles wat niet aangetoond kan worden langs de strenge regels van een wetenschapsfilosofisch systeem. Maar dat is een systeem dat niet meer a priori het alleenrecht op de waarheid heeft. En het ridiculiseren en ontkennen van het bestaan van samenzweringen – tot en met het verbod om het denken die kant op te laten gaan – kan leiden tot een blokkade die het zicht op de werkelijkheid beperkt.

Want zoveel is wel duidelijk uit het verleden: samenzweringen hebben altijd bestaan en ook in deze onze tijd kan je samenzweringen zeker niet uitsluiten. Sterker nog, juist in deze tijd krijgen samenzweringen, of bijvoorbeeld kartelafspraken op bedrijfsniveau, goed de kans de kop’ op te steken, om de ‘dzjinn’ weer uit de fles te krijgen.


Media en manipulatie

Het idee dat bedrijven, religieuze organisaties, veiligheidsdiensten, nationalistische instituten, machtsconglomeraties zolang onschuldig zijn tot hun rol in negatieve zin bewezen is, biedt vrijwel geen mogelijkheden om samenhangende netwerken te ontmaskeren of potentiële complotten bloot te leggen. Denk aan de neergeschoten MH17-vlucht, de tabakslobby, Trumpisme, wapenhandel, farmaceutische industrie, orgaanhandel.

En dat zijn dan nog ‘materiële’ voorbeelden die vanwege hun manipulaties en de mediabeheersende invloed iedere bewijsvoering proberen te ontkrachten. Zelfs de openbaarmaking van honderden miljoenen emails (Panama-papers, Wiki-leags, megalekken in de digitale huishouding) die frauduleuze praktijken tot en met samenzweringstendenzen blootleggen, schijnen ons niet erg te deren.

Samenzweringstheorieën die getuigen van niet-materiële actoren (bijvoorbeeld Paulus’ boosheden in de lucht) hebben vooronderstellingen nodig die plausibel zijn, die zo geloofwaardig zijn, dat ze in de materiële wereld zichtbaar zouden kunnen worden. Anders zou de samenzwering speculatief blijven; luchtfietserij.

En soms is het mogelijk deze veronderstellingen echt te rechtvaardigen in de materiële wereld. En dat een verbod op samenzweringsdenken deze feiten ook niet kunnen blokkeren. Wat er dan gebeurt...

Hella Haasse, een groot Nederlandse romanschrijfster, heeft in haar boek "De Meester Van De Neerdaling" aangegeven wat er dan kan gebeuren: degene die feitelijk ontmaskert, wordt niet alleen in de feiten ontkend en tegengewerkt, maar belachelijk gemaakt en uiteindelijk (in haar roman) met behulp van de kerk krankzinnig verklaard. En dat is geen fictie, maar het is een klassiek en telkens weerkerend fenomeen. Het is een vorm van machtspolitiek handelen uit wanhoop.


Uitschakelen

Het is een bijna universeel patroon: negeren, verdacht maken, ridiculiseren, openlijke oppositie gesteund door de media, ‘fakenews’ en het op één of andere manier uitschakelen van de klokkenluider.

mahatma gandhi

Ghandi beschrijft dat proces en het is een lot dat vaak tot een fatale fysieke afloop heeft geleid; denk hierbij aan zowel de katharen als de Manicheeën. In de hermetische teksten wordt dat proces als volgt weergegeven:

‘Daarom vallen zij die gnosis bezitten niet bij de grote massa in de smaak, en omgekeerd. Zij worden voor gek verklaard en hoongelach wordt hun deel, zij worden gehaat en veracht, en mogelijk zelfs gedood. Want... het kwaad moet noodzakelijkerwijs hier beneden verblijf houden, omdat het hier in zijn domein is. Want zijn domein is de aarde, niet de kosmos, zoals sommigen eens godslasterlijk zullen beweren’ (Corpus Hermeticum IX).

Als iets ontmaskerend is, is het wel het licht van de Gnosis. Het betekent ook dat het licht van de Gnosis altijd weer aantoont hoe niet-lichtkrachten samenspannen tegen de eeuwigheidskrachten van het Pleroma, van de volheid maar ook aantoont dat het ‘complot’ het uiteindelijk niet zal kunnen ‘winnen’ .

Wat gebeurt er nu in deze tijd met ‘signalen’, ‘bewijzen’ die duidelijk in de richting van een complot gaan, nu steeds duidelijker wordt dat er georganiseerde machtscomplexen zijn die sturend in de wereld opereren. Er zijn op vele vlakken ontmaskeraars, démaskeerders, onthullers, ontdekkers van georganiseerde structuren die met geld, macht, onderdrukking, verslaving, politiek te maken hebben.

En er zijn krachten – en wij kunnen ze als ‘duister’ of ‘satanisch’ beschouwen die met alle middelen pogen zulk een démasqué niet alleen te verhullen, maar ook onschadelijk te maken. In feite – zo suggereert ons Hella Haasse – is Satan de overste dezer wereld.

En het valt niet mee om dat op een zichtbaar niveau inzichtelijk te maken, om de heersende invloeden daarachter te benoemen, laat staan om processen te beschrijven die de duistere invloedssfeer in stand houden en zelfs proberen uit te breiden.

Daar komt bij dat je je kunt afvragen waarom je dat zou doen, waarom zou je dat willen? Want juist door je er mee bezig te houden versterk je die invloeden. Minstgenomen stel je het vrijkomen van die invloed ‘uit het onzichtbare’ er door uit.


Nuchter bekijken

pistis sophia

Toch zien we in de gnostieke leringen van de Pistis Sophia, en ook in de hermetische geschriften, een belangrijke analyse van de ‘onreine’ geesten, van de verworden entiteiten die leven van de energie van mensen, die hun voeding putten uit de levensverrichtingen van de mensen.

Het kan van nut zijn daar nuchter en vanuit het perspectief van onze tijd naar te kijken: hoe manifesteren deze archontische en eonische krachten zich nu?

J. van Rijckenborgh heeft zich in Démasqué gewaagd aan een atmosferische profetie in termen en begrippen. Ze mogen wellicht wat gedateerd overkomen, maar ze passen desalniettemin in de geest van de gnostieke leer: de boosheden in de lucht zullen niet aarzelen alle mogelijke technische, psychologische en mentale hulpmiddelen, zichtbaar of onzichtbaar, in te zetten om hun voeding te garanderen: hun ‘food supply’ uit menselijke energie.

Ook Rudolf Steiner heeft over de heersende geesten in het niet-materiële uitspraken gedaan, toen hij schreef dat ahrimanische krachten meer dan negentig procent van de macht grijpen, maar nooit honderd procent zullen winnen: de laatste procenten zullen ze onmogelijk kunnen verwerven. Er zal een evenwicht ontstaan temidden waarvan de Christus-impuls zich atmosferisch kan manifesteren. Tevens beschrijft hij de opkomst van sterk explosieve krachten, die hij de ‘asurische’ krachten noemt. Zij zijn confronterend, onontkoombaar en machtig, en als ze negatief uitwerken, doordat de mens de transformatie niet aangaat, kunnen ze destructief in elke microkosmos huishouden. Deze krachten slingeren dan als het ware de energie uit de menselijke microkosmische stelsels.

Van belang voor ons is wat de waarde van profetieën is in de ontketende tijden waarin we leven. Want profetieën zijn mentale beelden die suggereren een sprongetje in de tijd te kunnen maken om de mensheid te waarschuwen en goed voor te bereiden op een meestal bedreigende toekomst (dystopie) en – soms – gerust te stellen met een beeld van een paradijselijke toekomst (utopie).

De waarde ervan lijkt aan devaluatie te lijden. Profetieën of denkbeelden zijn toch projecties vanuit een bepaalde tijd, in een periode dat niet mentale beeldvorming, maar directe handeling in de microkosmoi is vereist. ‘Handlungsbedarf , noodzaak tot handelen, noemt de Duitse filosoof Jürgen Habermass dat.


Intuitio Dei

Het strooien van denkbeelden met betrekking op eender welke toekomst blijkt een niet betrouwbare speculatie te zijn (Krishnamurti) want ons denken is niet op het Licht geënt: het ‘schouwen in het licht der eeuwigheid’, zoals Spinoza propageert, is niet louter een mentale activiteit. Het is ons niet gegeven met ons huis-tuin-en-keuken pragmatisme dat ook nog eens ‘profit’ zoekt, het eeuwige waar te nemen.

Onze Intuitio Dei, onze zuivere en onpersoonlijke intuïtie als basis voor dat verheven schouwen in het licht der eeuwigheid is er niet meer. Er zijn wat dat betreft in Engeland al filosofen die ervoor pleiten om het vijfde hoofdstuk van Spinoza’s Ethica te schrappen en ook een Nederlandse natuurkundige als Vincent Icke neemt Spinoza’s begrip van oneindigheid en eeuwigheid niet serieus en ziet dat als een wetenschappelijke misstap.

Spinoza

Als de Intuitio Dei werkzaam wordt, het waarnemen van de roos in het innerlijk, dan doorziet men de samenhang, de onderlinge afhankelijkheid van alle systemen, machtsconcentraties, archonten, media in de wereld van de tijd. Men ziet de structuren in machtspatronen, manupilatietechnieken, hoe ze ontstaan juist door het ongebreidelde denken in de tijdruimte van de menselijke levensgolf.

In het Licht van de Eeuwige verdwijnt de complexiteit per definitie in het ‘apeiron’, ‘het totaal onbegrensde’ van de Grieken.

Dan zijn beide waar: alles is samenzwering, maar niets houdt stand in het onbegrensde van de godheid.

Als gezegd wordt ‘alles zal verwaaien wat op het Licht niet is geënt’ betekent dat dan meteen dat structuren, patronen, ordeningen alleen tijdelijk kunnen zijn? Gelukkig geeft de Griekse mythologie ook aan dat het niet zozeer chaos is die de tijdruimte regeert, maar dat integendeel structuur en ordening, maat en regel in de kosmos heersen.

Niet Uranos heerst over de wereld van de tijdruimte, maar Chronos, die structuur, ritme, ordening en vastigheid geeft aan de materiële en niet-materële werkelijkheid. Dus in principe zal de wereld zich daar ook naar richten.

In de analyses van de gnostieken en hermetici met betrekking tot de overheersing van de archonten en eonen in de geestelijke wereld staan gnosis en pleroma als het ware loodrecht op die machten.De Gnosis maakt duidelijk geen deel uit van de hiërarchische archontenhuishouding.


Kapstok

In de oudtestamentische beschouwing en beleving had men een kapstok, een anker in de tijd nodig in dezelfde voorchristelijke periode: Chronos was daarvoor ideaal, de hiërarchisch structurerende kracht en godheid, demiurg, zou als Saturnus de top-down patronen inblazen en macht en verhoudingen in de tijd ‘regelen’.

Plato had dat ideaal ook zo bepaald: Chronos zou voor ieder de Kosmos dienen te ordenen. Chaos zou beteugeld worden en zijn, vrijheid in een dressuur van rondgangen getemd worden, vrijheid zou niet kunnen ontsporen in bandeloosheid en gekte. Creativiteit van een kunstenaar stond op een tweede plan bij Plato.

En ook de geldhuishouding zou gereguleerd kunnen worden binnen controleerbare systemen en regels. Geldhandelaren konden de tempel binnenkomen. De markt was overal, dus ook in de tempel.

En nu, in de laatste eeuw is dat eerder beheersbare systeem een heersend systeem geworden. Het maakt korte metten met de menselijke waarden, ‘de wereld is een tanende wildernis geworden en temidden van die aangerande weelderige wildernis van de natuur is de wereld een gekkenhuis’ (Krishnamurti). En de vrijheid in welke uitingsvorm dan ook mag alleen nog binnen een verdienmodel creatieve kracht tonen.

Kunnen we nog structuur ontdekken in de samenhangende onderdelen van dat gekkenhuis, dat wij mensen met onze ongebreidelde driften en sloopacties van de wereldse werkelijkheid hebben gemaakt? Zijn er nog regels en wetmatigheden te ontdekken die als strenge oppassers van de archontische machthebbers eenduidig heersen?

En als dat zo is, als die samenhang gedefinieerd kan worden in een machtsspel dat een spiritueel kartel vormt, een afsprakenlijst kent en volgens een bepaalde manier werkt, kunnen we dat dan een samenzwering noemen? Geen profetie, geen complottheorie, maar een heuse conspiracy?

En zou je die samenzweerders, zowel in het zienlijke als in het onzienlijke dan ook kunnen benoemen?

En als je dat allemaal zou kunnen, wie help je daar dan mee, welke progressie in de alontwikkeling steun je dan? Welke opening naar empathie en werking van een onpersoonlijke liefdewet zou daar dan mee gediend zijn? En welke zelfverwerkelijking – misschien op termijn – zou daarmee mogelijk worden?

Welke ‘overwinning’ in geestelijke zin zou daarmee voor mensen perspectief bieden in een permanente bewustzijnsopklaring?

Men kan zich voorstellen dat er velen zijn die zo’n haarscherpe gnostieke analyse niet nodig vinden. Zij willen de noodzaak voor een opgang in Aquariuswaarden niet ontlenen aan ontmaskeringen.

Het is niet per se nodig om Satan zichtbaar te maken, we kunnen het inzicht abstract houden en in zelfovergave aan de werkzaamheid van het Licht ons veld van licht en kracht spreiden. We weten dat Satan de wereld regeert, maar hij verleidt ons niet, we hebben onszelf immuun gemaakt voor zijn verzoekingen. Geen troost, maar inzicht Maar is dat werkelijk zo? Hebben we die overwinning echt al zo gevierd?

Het Griekse wereldbeeld biedt geen troost, alleen maar inzicht. Volgens de schrijfster Marjoleine de Vos biedt dat wereldbeeld ‘het inzicht, dat weliswaar het mensenleven ellendig is, maar dat er toch niets heerlijker is dan het licht van de zon te zien. Leven! – en anderen helpen leven.’

En het kwaad? Is een mensenleven dan niet ellendig?

De Vos geeft toe dat er eigenlijk wel troost zou moeten zijn, want ‘er is zo onbegrijpelijk veel onrecht in de wereld dat mensen willen geloven in een beter leven’. Desnoods in een hiernamaals. De verdringing en compensatie die hier optreden zou je het Spinoza-criterium kunnen noemen; het leven in een hiernamaals als troost, als beloning dat je het in de wereld hebt volgehouden – iets wat Spinoza als ‘onredelijk’ afwees. Want een in de tijd uitgesteld ‘eeuwig nu’ is natuurlijk geen nu, netzomin als een profetie de werkelijkheid in de tijd echt kan overbruggen.

In de christelijke heilsopenbaring gaat het om een overwinning in de wereld, in de tijd, in alle lichamen.

Hella Haasse zegt over het satanische:

Men zal een vijand niet overwinnen als men tracht voorbij te zien hoe gevaarlijk hij is’.

En wanneer dat gevaar zich laat zien in verhoudingen van uitbuiting vanwege gezag, van maatschappelijk en financieel-economische en psychologische hierarchieën die onderdrukking en slavernij vragen van jeugdige onderdanen, van dwangmatige en opgelegde inverdieneffecten dan is de menselijkheid en de vrije creativiteit geblokkeerd.

Zo wordt de transformatie naar een Aquariusbewustzijn, en een nieuwe ziel, problematisch.

De kern van de begrippen hiërarchie en archont bevat niet voor niets ‘arch’. Dat is de zeer oude aanduiding waarmee een negatief reguleren van de wereld en mensheid wordt doorgevoerd. Gnostieke teksten geven aan dat archonten de menselijke geest in eigendom nemen en zijn perceptie manipuleren. Ze geven voorts aan hoe archonten (in een ander frequentiebereik) verborgen blijven en in staat zijn om illusies te manipuleren en overtuigingen in te prenten.

‘Men zal een vijand niet overwinnen als men tracht voorbij te zien hoe gevaarlijk hij is’.


Uranusinwijding

Dat is precies de reden dat J. van Rijckenborgh heeft gewaarschuwd en zelfs geprofeteerd dat iedere leerling zijn houding zal dienen te bepalen voor de illusies en manipulaties van de archontische werkingen. En al eerder heeft hij aangegeven hoe de potentiële Aquariusmens de vijand overwint, namelijk door een Uranus-ingewijde te worden, door wat hij noemt het doorlopen van de eerste en tweede zevenkring, door die eerste twee fasen van het pad te doorleven en te doorlopen.

Een Uranus-ingewijde bezit alle mystiek scheppende vermogens van de eeuwigheid die in de tijd moeten worden ingevoerd, tot een opstanding of tot een val’.

Deze mystiek scheppende vermogens doorkruisen in de elektrische en magnetische werkingen alle archontische krachten en machten. In de vervulling van de machtige onpersoonlijke liefdewet zullen de oude hiërarchische structuren worden opgeheven. Heeft deze Aquariusmens dan geen structuur nodig?

Door de eerste twee zevenkringen te doorlopen heeft zich een ziele-configuratie gevormd die een zuivere en levendige structuur garandeert en zo de Uranusingewijde vrijwaart van oude archontische patronen. Deze patronen kunnen geen enkele vat meer krijgen op de bevrijde ziel die door haar werkzaamheid en gerichtheid zelf het onderhoud van de vorm, van de bevrijde en bevrijdende structuur en gestalte, spontaan verricht.

En een aquarius-‘complot’ als persoonlijke tranformatie is dan werkelijkheid geworden door onpersoonlijke liefdedienst.

 

In al zijn uitingen wijst het moderne Rozenkruis op de eis die gesteld wordt aan de mens bij het aanbreken van het Aquariustijdperk. Het bekende beeld van de man die een kruik leeggiet– de Waterman, wordt vanouds gebruikt als symbool voor het levende water, de nieuwe energie die in de atmosfeer wordt uitgestort. Dit levende water bevordert een proces van verandering, vernieuwing. Sinds het naar buiten treden van de 17e eeuwse rozenkruisers heeft iedere tijd zijn eigen passende accenten geplaatst bij de inbedding van dat proces.

Aquarius is de geest die alles transparant maakt. Oude waarden worden op hun inhoud beproefd. Er is een drang naar het vrijkomen van behoudende structuren. De kruik is geladen met dynamische energie, bestemd voor een innerlijke revolutie. Deze openbarende kracht, die over allen wordt uitgestort, heeft altijd een uitwerking: de mens moet kiezen.

Aquarius staat borg voor een vrije keuze. Wij kunnen niet anders dan reageren, dat is niet vrij. Maar we kunnen wel kiezen hoe. Reageren we met het ik, dan leidt dat tot een vergroting van het ego. We kunnen ons voorstellen hoe dat uitmondt in narcisme, genotzucht en niet-aflatende consumptiedrang. Luisteren we naar de roepstem van de geestelijke essentie, dan gaan wij de weg van de roos en het kruis. In beide gevallen komen alle oude normen en waarden op losse schroeven te staan. Maar waar de ik-mens zich naar steeds lagere ‘vrijheden’ begeeft, streeft zijn broeder of zuster, die een andere keuze maakt, naar een hoger bestaansniveau. Aquarius inspireert dan tot het bewustzijn van het Andere, en daarmee krijgen hoge idealen als broederschap, sociale rechtvaardigheid, solidariteit, redelijkheid, begrip en gemeenschapszin, die altijd met Waterman geassocieerd worden, een geheel ander perspectief.

Omdat het teken Waterman wordt geregeerd door de geest der vrijheid kan op elk moment het ikbewustzijn weer met deze idealen op de loop gaan. Daarnaast kunnen ze verstarren in systemen, dogma’s, totalitaire structuren en opgelegde nieuwe normen en waarden. Astrologisch gezien valt de vernieuwing dan terug in Saturnuswaarden, stolt in vaste structuren en loopt erin dood.

WAT IS DE VRIJHEID VAN DE WATERMAN?

Vanuit het ik gezien, hangt vrijheid samen met onzekerheid en chaos, in de zin van ongeordendheid. Maar vanuit het standpunt van vernieuwing is vrijheid verbonden met creativiteit en verantwoordelijkheid. Aquarius hangt samen met de planeet Uranus en in de Griekse mythologie wordt de god Uranos voorgesteld als vrijheid en chaos. De nieuwe mens heeft die vrijheid, verbonden met creativiteit en verantwoordelijkheid, nodig om autonoom en zelfverwerkelijkend te kunnen zijn. Het gaat om een volkomen nieuwe verantwoordelijkheid, die alleen in absolute vrijheid verwerkelijkt kan worden. Zoals de pelgrim op de bekende afbeelding van Flammarion door de grenzen van de bestaande kosmos heenbreekt en een nieuwe kosmos ontwaart.

Gaat de mens deze gang niet, houdt hij vast aan oude patronen en neigingen, dan veroorzaakt de vurige kracht van Aquarius voortdurende crises. De mens kan zich dan trachten te beschermen tegen de onzekerheid door terug te vallen op normen en waarden die niet meer aan de orde zijn, maar die hem kunnen behoeden voor verder afglijden. Hij sluit dan de deur naar de vernieuwing waar de Aquariusdynamiek voor bedoeld is. Deze ontwikkeling zal hij in een later stadium alsnog dienen door te maken. Wie de negatieve vrijheid zoekt, ongelimiteerde vrijheid voor het ik, zal bemerken dat juist daarin het grootste gevaar voor het ego ligt. In zijn zucht naar prikkels verandertde ikmens in een gevaar voor zichzelf en zijn omgeving. De Aquarius-energie stuwt naar een vernieuwing die uiteindelijk het volledig loslaten van de ik-cultuur noodzakelijk maakt.

In de jaren ’60 van de 20e eeuw uitte de Aquariusstraling zich in revolutionaire bewegingen en idealen. Ze beukten tegen de grenzen van de bestaande normen en waarden en braken ze af. Men riep om vrede, liefde en saamhorigheid. De spanning in de atmosfeer was zeer kritisch en zoals een bliksem de atmosfeer doorklieft, ontlaadde de spanning zich. Aquarius heeft als luchtteken deatmosfeer als haar domein.

De Geestesschool van het Gouden Rozenkruis heeft in die tijd, tussen 1963 en 1967, vijf machtige Aquariusconferenties gehouden op verschillende plaatsen in Europa. In deze bijzondere conferenties werd benadrukt dat bewustzijn van een noodzakelijke omwenteling voorwaarde voor nieuwe menswording is, geheel in de geest van De Alchemische Bruiloft van Christiaan Rozenkruis, een geschrift uit de tijd van de 17 e eeuwse rozenkruisers. Christiaan Rozenkruis is in deze diepzinnige novelle het prototype van de nieuwe mens, de Aquariusmens.

Algemeen wordt tegenwoordig erkend dat de revolutionaire veranderingen, ingezet in de tweede helft van de vorige eeuw, bepalend waren voor de samenleving nu. Hedendaagse politici wijten de huidige ontreddering, wetteloosheid en amoraliteit rechtstreeks aan die veranderingen, vooral aan de hang naar individuele vrijheid. Maar bij de genoemde impuls was het niet om politiek begonnen: het was een pure bewustzijnsimpuls, die in het zogenoemde ik-tijdperk van de jaren ’80 de bijsmaak kreeg van genotzucht en egjoÏsme. Het streven naar solidariteit, dat door de politiek werd overgenomen, was een positief uitvloeisel van deze impuls.

In de samenleving kunnen we invloeden constateren van de Aquariusimpuls. De mens reageert echter veelal onbewust, oppervlakkig. En dat is logisch, want de impuls is niet ‘cosmetisch’ bedoeld, maar diepzinnig, voor de innerlijke mens, dus voor de microkosmos. Tracht men deze waarden uiterlijk door te voeren, zonder de innerlijke verandering, dan geldt de natuurwet die zegt dat alle wereldse waarden uiteindelijk in hun tegendeel verkeren. Het bederf van het beste levert dan het slechtste op: wetteloosheid en amoraliteit, de laagste vormen van geweld, zoals zelfmoordcommando’s en kindergijzelingen.

Hier tegenover staan ook verrijkingen, zoals de ontmaskering van vele pretenties: de mens is niet van nature goed, zoals heel lang geloofd is. Maar ook niet slecht: goed en kwaad zijn beide aspecten van de mens. Er zijn veel mensen die in hun leven de hoge idealen van Aquarius nastreven. Men zegt dat de Aquariusinvloed, een periode van ongeveer 2160 jaar, een tijd inluidt van broederschap, vrijheid, harmonie, wederzijds begrip, onbaatzuchtigheid en creativiteit. Wie om zich heen kijkt, zal daar nog niet veel van terugvinden; maar geleidelijk zal elke illusie worden ontmaskerd. Uiteindelijk achterhaalt de waarheid vroeg of laat elke leugen en hoeveel schandalen en verborgenheden treden niet aan het licht?

Wat is nu de betekenis van 400 jaar Rozenkruis in het licht van Aquarius? Aan het begin van de 17e eeuw maakte de Rozenkruisers Broederschap zich in Europa kenbaar met manifesten en proclamaties. In het teken van de sterrenbeelden Serpentarius en Cygnus werd door de astronoom/astroloog Kepler een supernova ontdekt en de rozenkruisers zagen daarin een teken van "Gods raad" zoals zij meldden in de Confessio (1615). Een impuls tot vernieuwing die zich aan het firmament manifesteerde en zowel in de wereld als in de kleine wereld, de microkosmos, zou doorwerken.


In dezelfde tijd kwamen er mogelijkheden vrij voor innerlijke vernieuwing en voor vernieuwing van het algemeen geestelijk klimaat in Europa. De Rozenkruisers Broederschap bracht die mogelijkheden tot vernieuwing naar voren, ondanks het risico van deze stap. Zij deden dat omdat het in hun ogen voor de voortgang voor mens en cultuur op basis van het zuivere christendom noodzakelijk was. De mogelijkheden waren er. Op dat moment waren de omstandigheden in Europa zodanig dat het risico van chaos beperkt bleef. De neiging tot ordening was sterk in die tijd en vormde een stevige bedding voor de stroom van levend water. Een nieuwe impuls kan alle kanten uitgaan, maar als hij wordt opgevangen door bewuste zielen, vormen zij een bedding om de stroom verder richting te geven.

Ook de Europese cultuur had het punt bereikt dat universele inzichten kondenworden geassimileerd. De leidraad daarbij was de ontwakende rede, vertolkt door de filosoof Bruno, een voorloper van Spinoza en Descartes. Als deze impuls niet opgevangen was, zou de ontwikkeling van mens en cultuur zijn blijven steken in een adolescente fase. Europa zou haar volwassenheid dan niet kunnen bereiken.

De vorming van een nieuwe mens met ware geestelijke vermogens en de inspiratie van een cultuur met universele waarden waren noodzakelijk geworden. De belofte van vrijheid en de belofte aan de schepping die men zo hoopvol in de bijbel vond aangekondigd, zouden worden vervuld. Zo werd het verschijnen van een nieuw licht in het sterrenbeeld Serpentarius en Cygnus niet alleen benut om deze vernieuwing in Europa te proclameren, maar tegelijkertijd om de signatuur te introduceren van de Aquariusmens: Christiaan Rozenkruis. Hij is de mens die staat in een dynamisch proces van verandering. Aquarius maakt de manas mogelijk, de geest-zielenmens met het hogere denkvermogen, de androgyne, de ware mens. Kenmerken als onbaatzuchtigheid, solidariteit, vriendschap, redelijkheid, integriteit, openheid en creativiteit komen dan op een nieuwe basis tot ontwikkeling. Maar het belangrijkste aspect van het proces van nieuwe menswording is de geboorte van een nieuwe ziel: een volkomen nieuwe gerichtheid. Het is een fundament voor de alchemische bruiloft, die de synthese is van de geest en de ziel, waaruit een nieuw lichaam kan ontstaan.


Dat element was in de Europese cultuur tot dan toe onderbelicht of zelfs afwezig en is nu voor ons allen hoogst actueel. De opgang tot een hoger menstype is namelijk geen automatisch cultuurgegeven, maar een dynamisch bewustwordingsproces; geen door wereldse of kerkelijke autoriteiten geleide evolutie, maar een revolutie in de eigen microkosmos: men stapt over op een ander uitgangspunt. Die nieuwe synthese kan niet plaatsvinden op grond van beloning of straf, maar uitsluitend op basis van het positieve besluit om in dit leven te werken aan de ware verlichting, vanwege een diepgevoelde uitnodiging tot de koninklijke bruiloft. Zonder vooraf te weten waar dat proces uiteindelijk naartoe gaat. Die onzekerheid en die spanning horen bij het volwassen worden van de ziel.

Aquarius betekent voor de spirituele zoeker een grootse nieuwe mogelijkheid. Nu pas, nu de invloed van Pisces afneemt, kan men weer zinvol aan zichzelf werken: als men de eis van het Vissentijdperk heeft verwerkelijkt. Want die biedt de juiste uitgangspunten, en een periode van reiniging en loutering van het hart, waarin men in ootmoed leert te luisteren naar de hogere rede, gaat daaraan vooraf.

Die eerste vernieuwende impuls in de 17e eeuw werd gesmoord in de bloedige godsdienstoorlogen tussen protestanten en rooms-katholieken, in Duitsland (de 30-jarige oorlog). Pas na een brede Europese vrede, getekend in 1648 in Munster, werd het mogelijk de impuls weer op te pakken. De
Franse Revolutie, die in 1789 Europa wakker schudde met haar verklaring van de rechten van de mens en de idealen van vrijheid, gelijkheid en broederschap, vormt binnen deze context een belangrijke overgang: de eerste duidelijke voorafschaduwing van de invloed van Aquarius. Niet toevallig werd in 1781 Uranus, de planeet die het teken Aquarius beheerst, ontdekt. Ook de compositie van Die Zauberflö te door Mozart rond 1790, waarin het proces van de Alchemische Bruiloft van Christiaan Rozenkruis op muziek is gezet, markeert deze voorafschaduwing. Mozart heeft het gloren van het Aquariustijdperk als een zonsopgang gezien: symbool, magie en geestzielenbewustzijn verklanken een bruiloftsfeest dat tot op de dag van vandaag aan zeggingskracht niets heeft ingeboet.

Er zijn in de 18e eeuw veel impulsen geweest die de alchemische zelfverwerkelijking stimuleerden, onder andere via de vrijmetselarij. Maar ook ontstonden tegenkrachten die zich uitten in de moordpartijen waarmee de Franse Revolutie gepaard ging en die de Aquarius-waarden van vrijheid,
gelijkheid en broederschap besmetten en verkwanselden. De periode van 1787 tot 1966 kenmerkt zich door talrijke revoluties en vernieuwingen die uitgingen van hoge idealen, maar uitmondden in totalitaire systemen die talloze slachtoffers hebben gemaakt.

Toch waren er ook verheugende Watermanvernieuwingen. Op spiritueel gebied ontstond bijvoorbeeld de theosofie, met als spreuk: “Er is geen godsdienst boven waarheid”. Een echt Watermanmotto. Ook de beweging van Max Heindel uit het begin van de twintigste eeuw, The Rosicrucian Fellowship, voerde een dergelijk motto: “Een helder verstand, een liefdevol hart, een gezond lichaam”

In de laatste fase van het Vissentijdperk waarin de Aquarius-energie merkbaar wordt gaat het weer sterk om de waarheid. Astrosofisch gezien gaat het Vissentijdperk zijn laatste fase binnen, de Vissenfase. DubbeleVissen dus. Pisces (Vissen) wordt geregeerd door de mysterieplaneet Neptunus,
die J. van Rijckenborgh de vernieuwer van het hoofdheiligdom noemt. De waarheid die door ontmaskeringen en onthullingen zichtbaar wordt, is vaak niet de waarheid die de mensen graag willen. Wat wordt blootgelegd is confronterend en onze bewustzijnscrisis komt ermee in het volle licht te staan. De waarheid is, dat de wereld op geen enkele manier aannemelijk te maken is in het licht der eeuwigheid en dat onwaarachtigheid en hypocrisie hoogtij vieren. Uit economische motieven, of voor de “lieve vrede”, doen we er vaak zelf aan mee. Die “lieve vrede past precies bij “onze lieve heer” in de zwijmelende context waarin de Zoon van God vaak wordt geplaatst: het is schijn en onwaarachtig.


Hoewel we weten dat de ik-cultuur een doodlopende weg is, doen we er vaak aan mee. Een andere manier van denken wordt dan onmogelijk. We leren leven met het "overgewicht" van het ik. We verdringen het besef van de noodzaak tot spirituele verandering. We zien op tegen de verandering
die daarvoor nodig is, en menen dat er een onmetelijke afstand is tussen ons en de ware mens. Het ik heeft ons gevangen genomen.

Ruim voor de jaren ’60 van de 20 e eeuw, nog in de Aquariusfase van dit Vissentijdperk, klinken de wijze woorden: de ontwikkeling van het ik, het natuur-ego, dient vervangen te worden door de ontwikkeling van de monade. De monade is een veel diepere kern dan ons ik en staat niet open voorde verleidingen, die ons binden aan materie, gewoontes en verslavingen. De monade correspondeert met het oorspronkelijke veld, de Liefde die volkomen is. Dat is niet de liefde die wij kennen. De Liefde, die de geest der vrijheid is, kan ons ik niet hanteren. De liefde die uitgaat van het ik is van
een veel lagere vibratie. De Liefde, waarvan onder andere de Corinthenbrief spreekt, is van een andere orde en alleen de monade heeft hier affiniteit mee en kan erdoor gaan “stralen”.

De kernstraling van de monade hult zijn omgeving – ons dus – in een gloed die onwerelds is. Hierdoor ervaren wij een vervreemding van deze wereld en ervaren wij onszelf als vreemdelingen.

Deze geestvonk, die de volkomen liefde en de vrijheid ervaart, stuwt de mens tot grote activiteit. Hij of zij weet dat die energie niet is bedoeld om een tijdje verlicht te zijn, maar dat zij een verplichting stelt. De geest van liefde noopt tot geven, tot spreiden van de nieuwe energie. Daarnaast gaat het innerlijk bouwwerk door. Daarmee komt de mens te staan voor de wijsheid van Hermes: alles ontvangen, alles prijsgeven en daardoor alles vernieuwen.

Valt de strevende terug in de werkingen van het ik, dan komt hij in niemandsland. De grenzen zijn uitgewist en hij heeft geen enkel houvast meer. Als hij probeert de oude waarden geforceerd te belevendigen, verzeilt hij gemakkelijk in de sfeer van het fundamentalisme. Degeneratie van de cultuur zet dan in en de begeleidende verschijnselen van angst, onderdrukking en terreur zijn diep aangrijpend en verre van verheffend.

De Aquariusimpuls is niet vrijblijvend. In de Aquariussfeer gaat het erom een dusdanig sterk magnetisch systeem of krachtveld te vormen dat het onaantastbaar wordt voor de onvermijdelijke degeneratie van culturen in de wereld. Het Watermanbegrip ‘broederschap’ speelt daarin een
beslissende rol. Aquarius stelt als eis het durven aangaan van het groepsproces – maar nu op een nieuw vlak, op zielenniveau. Die eis is absoluut, maar kan verwerkelijkt worden in de geest van volkomen liefde en volkomen vrijheid. De kracht van de gehele groep komt daarbij iedere deelhebber ten goede, conform het adagium: vrijheid, gelijkheid en broederschap. De ware mens is dan ontstegen aan de aarde. Hij is bewoner van het oorspronkelijke zonnelichaam, de kosmos geworden.

Wij staan aan de vooravond van een zeer merkwaardige ontwikkelingsgang. Een ontwikkelingsgang waarin wereld en mensheid zullen worden meegevoerd tot en in een Nieuwe Dag van Openbaring. Een dag waarin de Adelaar en de Duif, die links en rechts van de Renova-Tempel geplaatst zijn, opnieuw tot grote activiteitzullen komen

beeld van een adelaar door Johfra

 

Duif beeld conferentieoord Renova Bilthoven

 Op het diepste nadir van stoffelijkheid gaat dan volgen de opwaartse gang op het pad van evolutie. Uit het nadir zullen velen zich gaan opheffen tot het zichtbare licht, en zij zullen in staat zijn dat licht te grijpen. Een scheiding gaat zich voltrekken, een scheiding die een nieuwe voortbrenging mogelijk zal maken.

Ge kent hen die waarlijk praktisch doende zijn de Trigonum Igneum, de vurige driehoek te vervaardigen. De Trigonum Igneum, die zich voornamelijk krachtig gelden doet in het hoofdheiligdom en heel het wezen daarvan, al de aanzichten daarvan, al de hersencapaciteiten met hun mogelijkheden en mede wat hun functies betreft, open en geschikt gaat maken voor grote veranderingen. Op deze Trigonum Igneum heeft betrekking regel 1 van de Formule van het Vuur: ,,Ontsteek de Trigonum Igneum en laat het Vuur zijn arbeid verrichten in het Heiligdom”. Het is de eerste van de zes emanaties die tot ons overgedragen werden door Simon de Magiër. Deze emanaties hebben betrekking op een interkosmisch Aquariusvuur, een vuur, dat hen die het grijpen kunnen, plaatst op de evolutie- boog.

Een dergelijk ontstijgen is, van de dageraad der tijden, altijd mogelijk geweest, op welk punt van de nadirgang men zich ook mocht bevinden. De mens, die deze arbeid van zelfbevrijdend leven ondernam, werd daardoor direct tot een eenzame, tot een pelgrim gemaakt. Tot een mens, die in heel zijn handelingsleven zulke volstrekt van de overige mensheid afwijkende wegen bewandelde, dat niemand meer in staat was hem of haar te begrijpen.

Het was gelijk een berggang. Een steil pad dat omhoog wees tot in de oneindigheid. Het was een pad zó exclusief, zó uitzonderlijk, dat men het vreemd vond; zó vreemd, dat men het op een gegeven moment niet meer volgen kon. Het was zo onmenselijk, dat zelfs zij die tot de hoogst ontwikkelden behoorden, die de meest grandioze intellectuele vermogens ontwikkeld hadden, en die dus voor de meest wijzen onder de wijzen golden, een dergelijke ontwikkelingsgang niet meer volgen konden. En hen dus veroordeelden als krankzinnig, als volstrekt onmogelijk en onmenselijk, en derhalve zelfs als misdadig.

Toch gold het hier slechts het grijpen van een aanwezige interkosmische kracht, een kracht die absoluut onaards, doch niettemin volkomen menselijk genoemd kan worden. Het doel was: deze kracht in te laten gaan in het hartheiligdom, en daardoor het hoofdheiligdom gans en al te herscheppen.

Daarom zegt regel 2 van de Formule van het Vuur: „Schep door het Vuur het Denkvermogen’'. Alle grote voorgangers van de mensheid hebben steeds weer de aandacht gevestigd op deze machtige mogelijkheid tot ontstijgen. Tot ontstijgen aan het nadir van stoffelijkheid, en het daarop ingaan in de nieuwe landen.

Doch de mensheid heeft helaas deze uitnodiging van de groten nimmer verstaan, nimmer kunnen begrijpen, althans zolang zij vasthield aan de oude methoden van intellectuele ontwikkeling. De in onze dagen alom bekende en onderwezen methoden van verstandelijke ontwikkeling, zijn zonder uitzondering aardebindend, aan de stof ketenend, te noemen.

Het u welbekende woord: „wat aan de wijzen en verstandigen van deze wereld verborgen is, wordt aan de kinderen Gods geopenbaard”, dat woord heeft ons veel, zeer veel te zeggen. Het wil ons duidelijk maken, dat er twee wegen, twee mogelijkheden tot verstandelijke ontwikkeling zijn. Twee toppen, die achtereenvolgens terzake van de intellectuele ontwikkeling dienen te worden bestegen. De tweede mogelijkheid, dient dus harmonisch op de eerste te volgen, op het juiste en meest psychologische moment. Passeert men dat moment, grijpt men dat moment niet aan, dan wordt de wijsheid der wereld ons tot een volstrekte ondergang.

Dit alles wil niet zeggen, dat men natuurnoodzakelijk een onwijs, een dom mens zou moeten zijn. Doch men dient op de basis van een gezond verstand, van een spontaan natuurlijk ontwikkeld verstand het vuur van de Trigonum Igneum, het werkelijke Denkvermogen, vrij en open te maken. Het gaat er ons om, u duidelijk te maken, dat uw momentele hersencapaciteit, uw verstandelijke vermogens, niets, nog niets met het Denkvermogen te maken heeft. Het Denkvermogen moet zich openbaren op de basis van het gezonde verstand.

Aldus is hetgeen de Gnosis u dus voorstelt op dit moment, alles wat de Gnosis terzake aan haar leerlingen opdraagt, niet in het minst buitennatuurlijk te noemen. Het is geen allervreemdste sprong in een ledig, dat niemand te voren kennen kan. Integendeel, het geldt een logische voortzetting van onze menselijke ontwikkelingsgang, een gang, die aboluut noodzakelijk is voor alle mensen. Een gang die een einde maakt aan dood, aan smarten en aan ziekten, en die aan iedere huidige sterveling de eeuwige vrede zal schenken, waarnaar reeds zo velen hunkerend verlangen.

Wij herhalen: alle groten van geest, alle grote boodschappers der mensheid, zij hebben deze gang onderwezen en aan hun leerlingen voorgesteld. Tot nu toe, hebben helaas verhoudingsgewijs slechts enkelen dit pad van bevrijding bewandeld. Daarin gaat echter verandering komen, en u die verandering aan te kondigen, enigermate te schetsen in zijn verloop, en het waarom en het waartoe toe te lichten, dat is het doel van dit artikel.

Al heel lang geleden hebben wij in de Geestesschool tegen u mogen zeggen, dat ons ademveld, onze levensatmosfeer, zich aan het veranderen is. Een verandering die enerzijds geforceerd moet worden genoemd, door het optreden der mensheid zelve veroorzaakt, doch anderzijds bewerkstelligd door de gang van de kosmische ontwikkelingen. Het is volkomen redelijk te zeggen, dat deze atmosferische veranderingen ons in de komende tijden tot verschillende crisispunten zullen voeren.

Ten eerste houden wij rekening met het binnengaan van onze planeet in de Aquariusera. Een moment, dat ongeveer eens in de 26000 jaren plaats vindt.

Ten tweede willen wij uw aandacht vestigen op merkwaardige bewegingen en ontwikkelingen in ons zonnestelsel, tengevolge waarvan stralingsvelden van boven-kosmische aard, binnen de actieradius van onze planeet getrokken worden en hun aanwezigheid beginnen te bewijzen.

Deze beide situaties nu, brengen ons in die merkwaardige planetaire situatie, waarop wij gaarne uw aandacht willen vestigen. Er zal sprake zijn van een absolute, van een fundamentele wijziging van de vier basiselementen van onze kosmische natuur. Wij kennen deze vier elementen als water, vuur, aarde en lucht. We kennen ze ook als: de kracht Gods, als het levende water; als de astralis, als het vuur; de ether als de atmosfeer, en de materie, de aarde, in haar grofstoffelijk gewaad. Uit deze vier elementen leeft en is de mens. De mens, zoals hij momenteel existeert, de mens zoals hij zich manifesteert.

Iedere wijziging in de fundamentele aard van de elementen moet en zal verandering brengen in de aard, en in het wezen, en dus in het gedrag van iedere mens. Het zal u duidelijk zijn, dat de mensheid een wijziging van de vier basiselementen het eerst zal bemerken en ondergaan uit en in de atmosfeer, waarin hij of zij leeft. De atmosfeer, die gevuld is met zuurstof en de andere edelgassen, en gedragen wordt door de universele ether. Doch het werkelijke begin wordt altijd geboren uit het levende water, uit het waterelement. Niet het waterelement zoals wij dat momenteel ervaren, doch het element dat bekend staat als het levende water, als de stroom van het levende water, voortkomende uit de Godsrivier. Anders gezegd: als Aquarius, of als het universele symbool yan de duif.

De duif is de reinigende, de de mens veranderende Spiritus. Deze Spiritus daalt als een duif op het hoofd van de kandidaat. Hij ervaart daarop de reiniging, de grote verandering van het wezen, de bij hem binnenbrekende kracht, als een etherstroom, die zijn leven volledig gaat beheersen, gesymboliseerd door de in het hartheiligdom binnenflitsende adelaar.

Zoals dus de duif de personificatie is van de de mens aanrakende wijziging, als de komende kracht, die primair uit het levende water komt, zo ervaart de kandidaat die kracht als de in hem schietende adelaar, komende uit het luchtelement. Het luchtelement reageert direct op het waterelement. De kracht openbaart zich primair in onze elementaire planetaire toestand, primair in het levende water, en via het levende water vervult die kracht de gehele atmosfeer. Dientengevolge zal de daarvoor openstaande leerling door die kracht, gesymboliseerd door de duif en de adelaar, getroffen worden.

Waarom wij links en rechts van de Renova-Tempel te Lage Vuursche de adelaar en de duif vinden, is dus duidelijk: de duif, het symbool van het levende water, het symbool van de Heilige Geest; de adelaar, de concretie, de bij de kandidaat inbrekende nieuwe kracht. Daarom is de Renova-tempel (de tempel der vernieuwing) de tempel van de grote verandering. In die tempel wordt de kandelaar, het vuur ontstoken. Het symbool van de astrale krachten, terwijl de tempel zelf ons het nieuwe aarde element voor ogen stelt. Aldus is de Renova-tempel de plaats van de grote vernieuwing, die wij in de komende tijden verwachten.

Deze symboliek stelt dus voor ons een nieuwe werkelijkheid. Een werkelijkheid, die nu nog slechts maar door enkelen ervaren wordt, die nu nog slechts in enkelen leeft. Deze symboliek wordt in de komende tijd een werkelijkheid. Deze symboliek zal zich op een andere wijze krachtig gaan manifesteren, in de levens van, naar wij hopen mogen, zeer velen. Het zal de aard van de grijze hersensubstantie van ai die velen fundamenteel veranderen.

Hebt ge het nooit gemerkt, hoe er velen zijn, die met elkander disputeren over één punt en toch volkomen met elkaar van mening verschillen? Het zijn allen waarachtige leerlingen van de Geestesschool. Ze werken met ons samen vol van liefde en innerlijke kracht, en toch, op het stuk van dispuut verschillen zij met elkaar van mening. Ook op de meest psychologische momenten. Hoe komt dat? Zijn er dommen onder hen? Neen, het zijn de beperktheden en eigenaardigheden van onze natuurgeboren verstandelijkheid. Hoe dikwijls komt het voor, dat hetgeen wordt verkondigd maar op één wijze kan en moet worden verstaan, terwijl dat ene toch duizenden verschillende gedachten oproept, vanwege de toestand-van-zijn van onze verstandelijkheid.

U kunt dezulken niet helpen met: ,,lees dit nog eens na, en bestudeer dat boek nog eens, of volg onze cursus”. De oplossing is alleen te vinden in een aanraking van het vuur, in de waarachtige toepassing van de Formule van het Vuur, in de realisatie van de Trigonum Igneum. Dat zal de grijze hersensubstantie van al die velen, die voor regeneratie in aanmerking komen, absoluut en fundamenteel gaan veranderen. Het zal bij hen, in hen, doen geboren worden een nieuwe, een andere, een hogere verstandsaard, die men niet van buitenaf ontwikkelen kan. Ook niet met duizend vertogen. Het is een verstandsaard, die volkomen van binnen uit tot ontwikkeling moet komen, wanneer men de genadekracht van het Tehuis Sancti Spiritus weet op te roepen en in het hartheiligdom weet vrij te maken. Dan gaat die machtige transfiguratie een aanvang nemen. Dan ervaart de betrokkene het positieve bewustzijn, het ervaringsbewustzijn, deel te hebben aan een hoger, aan een ander levensveld. Een eeuwigheidsbewustzijn ook, dat zich in de tijd geldend gaat maken. Het zal als een ontwaken zijn en geheel de natuur-des-doods als een dorrend blad van de ware levensstaat doen afvallen.

Voor een wijl zullen dan tijd en eeuwigheid aan elkaar gebonden zijn. Een situatie, die dus veroorzaakt wordt door de wijziging der elementen. Door de zich veranderende zouten der natuur. Een situatie, die door de klassieke Rozenkruisers reeds sedert lang, sedert eeuwen werd aangekondigd, in hun christelijk kabalisme. In het christelijke kabalisme werd dit alles uitvoerig besproken en aangetoond. Een proces dat alleen kan worden verstaan als er, ten minste, openheid van ziel is. Zo niet, dan staat ge als met vertwijfeling tegenover deze dingen. Als een niet-begrijpen.

Doch de tijd is nu gekomen voor een nieuwe dag. In de komende tijden worden de sluiers vaneen geschoven en wordt de grote splitsing van de mensheid in twee groepen tot een feit. Wie van ons zou kunnen zeggen geheel en al gereed te zijn voor deze nieuwe dag van openbaring? U zult begrijpen, het wordt een zeer merkwaardige, een uiterst belangrijke periode die wij nu naderen. Wie van ons weet zeker: ik ben volkomen toebereid binnen te gaan?

Daarom dienen wij elkaar voor te bereiden op een intense worsteling. Een intense worsteling zullen wij bij alle volkeren en rassen tot ontwikkeling zien komen. Een bonte wemeling van pogingen, die tot verandering dienen te voeren. Alle rassen, alle volkeren zullen zeer bewogen worden, want de grote scheiding gaat zich nu zichtbaar voltrekken. De nieuwe voortbrenging gaat een aanvang nemen. En we denken hier aan de legendarische Anubis en Typhoon: de kracht die zich omhoog wil wenden, en de kracht die ons er van terug zou willen houden. Daarom, God behoede u in de naast liggende tijden.

Wij hopen en bidden, dat de krans der overwinning u op de slapen zal worden gelegd, in de grote wereldrevolutie, die niet door mensen zal worden veroorzaakt, doch door de Logos zelve tot stand gebracht.

 

J. van Rijckenborgh

De Universele Witte Broederschap als spirituele beweging werd in 1900 gesticht door de BulgaarPeter Deunov (1864-1944), zoon van een priester uit de orthodoxe Kerk. Hij studeerde zeven jaar medicijnen en theologie in Amerika. In 1895 keerde hij terug naar Bulgarije en was werkzaam als onderwijzer. Ook bracht hij in die tijd regelmatig langere perioden door in de bergen. In de jaren 1889 – 1890 leefde hij teruggetrokken bij zijn vader in Novi Pazar en verkeerde in een voortdurende verbinding met de Spirituele Wereld en de Geest als voorbereiding op ‘Het begin van God’s Missie’, zoals hij het zelf noemde. Zijn eerste openbare lezing gaf hij in Novi Pazar.
Geleidelijk groeide de Universele Witte Broederschap in Bulgarije. Bij zijn heengaan in 1944 bestond deze broederschap uit ongeveer 40.000 volgelingen en deze beweging groeit nog steeds verder uit. Peter Deunov was naast spiritueel leidsman (en arts) ook musicus. Hij componeerde vele mystieke liederen.
Hij ontwikkelde ook de ‘Paneuritmie’, een sacrale dans, waarin de geestelijke ontwikkeling van de mens tot uitdrukking werd gebracht d.m.v. een serie bewegingen op verschillende melodieën. De liederen en de Paneuritmie maken ook nu nog deel uit van de bijeenkomsten van de beweging.

Peter Deunov vertegenwoordigde de derde grote spirituele impuls in Bulgarije, voorafgegaan door Orfeus (wat leidde tot het Pythagorisme en het Platonisme) en de Bogomilen (letterlijke betekenis: ‘God welgevallig’) uit de 10e eeuw. Deze drie impulsen zijn historische manifestaties van de Grote Universele Witte Broederschap die gebaseerd zijn op de principes van Goddelijke Liefde, Goddelijke Wijsheid en Goddelijke Waarheid.
Peter Deunov was heel duidelijk over het feit dat hij uit dezelfde bron sprak als de Christus en dat spirituele meesters een manifestatie waren van het Goddelijke om mensen te helpen om zich (weer) met God te verbinden:
"… Wij prediken de Christus van Liefde, die ieder hart steunt en vervult; wij prediken de Christus van Wijsheid, die ieder verstand verlicht; wij prediken de Christus van Waarheid, die de wereld bevrijdt en verheft.
Christus vertegenwoordigt een collectieve geest. Hij bestond als een entiteit, maar is ook een collectieve geest. Hij is de belichaming van alle zonen van God waarvan het hart en de ziel leven en liefde uitstralen. Christus kondigde de komst van een cultuur aan zonder kruisiging, een cultuur van opstanding.
Ik spreek over de levende Christus, de Christus die het leven draagt, de Christus die de levende wetenschap en het licht draagt, de Christus die de waarheid en de vrijheid draagt, de Christus die alle methoden draagt om een wijs leven te leiden. Hij is de sublieme Christus die aan het hoofd staat van de sublieme Universele Broederschap…"